Nu Brigitte Bardot is overleden, lijkt het internet vooral te willen kiezen: óf bewondering, óf veroordeling. Alsof er geen ruimte is voor iets ertussenin. En dat is jammer. Want wie Bardot reduceert tot een paar harde uitspraken, mist waar haar leven werkelijk om draaide.
Bardot was geen filosoof. Geen politicus. Geen zorgvuldig formulerende bruggenbouwer. Ze was impulsief, fel, soms ongenuanceerd. Maar bovenal was ze iemand die op een bepaald moment radicaal een keuze maakte: dieren eerst.
Op het hoogtepunt van haar roem stopte ze met acteren. Niet uit mislukking, maar uit afkeer van een wereld die haar leeg trok. Ze trok zich terug, niet om te verdwijnen, maar om haar leven te wijden aan wie geen stem hebben. Dieren. Jarenlang. Dag in, dag uit. Zonder applaus.
Ze richtte haar eigen stichting op, vocht tegen bont, tegen jacht, tegen bio-industrie, tegen dierenmishandeling. Ze gaf haar geld, haar naam, haar rust. Dat was geen bijzaak. Dat was haar leven.
En ja — ze deed uitspraken die pijn deden. Over religie, over cultuur, over mensen. Die uitspraken mogen benoemd worden. Ze mogen schuren. Ze mogen zelfs afgewezen worden. Maar ze verdienen ook context. Frankrijk is geen neutrale achtergrond; laïcité, koloniale geschiedenis en maatschappelijke spanning vormen daar een andere bedding dan de onze. Dat maakt haar woorden niet goed, maar wel begrijpelijker.
Wat vaak vergeten wordt, is waar haar felheid vandaan kwam. Niet uit haat, maar uit woede over structureel dierenleed. Uit machteloosheid. Uit het besef dat menselijke gevoeligheden vaak zwaarder wegen dan het leven van wie niet kan terugpraten. In die strijd verloor ze soms de nuance. Maar ze verloor niet haar betrokkenheid.
Misschien had Bardot geen fout moreel kompas. Misschien wees het simpelweg niet naar de mens als middelpunt. En dat is ongemakkelijk. Want zodra je dieren volwaardig meeneemt in je morele cirkel, komt onze vanzelfsprekendheid onder druk te staan. Onze tradities. Onze rituelen. Onze manieren van leven.
We zijn gewend om mensen te beoordelen alsof ze óf helden zijn, óf schurken. Bardot past niet in dat schema. Ze was een mens. Met scherpe randen. Met blinde vlekken. En met een hart dat onmiskenbaar klopte voor wie het minste had op deze aarde.
Misschien is het eerlijker — en menselijker — om haar zo te herinneren. Niet als icoon zonder fouten. Niet als moreel afgeschreven figuur. Maar als iemand die haar compassie verder trok dan waar de meeste mensen stoppen.
En dat, op zichzelf, is al iets om bij stil te staan.

